Nudisten Lingo

Hee hoi. Het spelprogramma Lingo is op zoek naar kandidaten die naakt ballen willen graaien. Dat begreep ik vanochtend uit de krant, hoewel de schrikbarende boodschap daarin iets diplomatieker verwoord werd. Hevig geëmotioneerd ging ik op zoek naar meer informatie. Op de website van de spelshow zelf wordt benadrukt dat het gaat om een speciale uitzending ter gelegenheid van de Nationale Nudistendag op 1 juni. Het hele gebeuren zou 'serieus en integer' worden aangepakt.
Ik geloof er niks van. Hier is meer aan de hand. Verstopt uw kinderen en sla zoveel mogelijk blikken witte bonen in tomatensaus in. Als zelfs Lingo ten prooi valt aan sensatiezucht, is er dan nog wel hoop voor dit land?
Sinds jaar en dag koester ik warme gevoelens voor het taalspel met de ballenbak. Als klein kind keek ik de show iedere avond in mijn pyjama, de haren nog nat van het douchen. Eerst was er Sesamstraat, daarna Klokhuis en tot slot het oerdegelijke Lingo met François Boulangé. Vervolgens tandenpoetsen en naar bed. De gedachte aan Lingo roept bij mij dezelfde gevoelens op als bij het terugdenken aan Sinterklaasavond, of kikkervisjes vangen op de camping in Drenthe. Fijn, nostalgisch. Diep van binnen geloofde ik dat Lingo nooit zou veranderen. Het zou altijd een baken van rust blijven in een steeds schreeuweriger televisielandschap.
Helaas is het sinds 2006 zelfs met Lingo een beetje de verkeerde kant op gegaan. Even was er de angst dat de spelshow van de buis zou verdwijnen. Er moest een breder publiek aangesproken worden, en snel. Dat dacht de redactie in eerste instantie kennelijk te bereiken door op zoek te gaan naar 'bizarre koppels'. Je kent ze wel: 'koppels met kaal hoofd' (?), 'bijstandsmoeders' (?), 'homo's/lesbiënnes' (???) en 'mannen met snorren/baarden' (nee oké, dat is wel echt bizar).
Zeven jaar later heeft het gemuteerde Lingo niet meer genoeg aan kalende hoofden en ongelukkige huismoeders. Naakte lichamen, dat is altijd prijs. Ik heb nu al te doen met de senioren die – ondanks alles of bij gebrek aan beter – nog altijd trouw naar hun favoriete taalquiz kijken. Op 1 juni zullen ze massaal achteroverslaan in hun automatisch verstelbare stoelen. Om nog maar te zwijgen van de huilende kinderen, fris gedoucht in hun pyjamaatjes.
Het doet gewoon een beetje pijn, Lingo. Waarom nou jij? Zélfs jij? Jij moet gewoon stoffig blijven. Ouderwets, op het conservatieve af, en een beetje knullig. Juist daarom houden we van je, zoals we ook van Sinterklaas en Sesamstraat houden.

---

Een kleine troost: de website van Lingo heeft nog steeds een 'gastenboek', waarin enkele mensen al hun ongenoegen hebben geuit. Zó 2001.


Donderdag 17 Oktober 2013 op 17:11  |   Vier reacties  |  
  |    |  

Autorijden

Soms, heel soms, vraagt er wel eens iemand aan mij of ik een rijbewijs heb. Dat zijn vaak mensen die me nog niet zo goed kennen, want eenieder die mij langer dan een paar uur door het leven heeft zien stuntelen kan het antwoord wel ongeveer raden. Daardoor denk ik ook wel eens dat de vraag bedoeld is als een grap.
“Hahaha!” zeg ik dan. Daarna: “Nee.”
Ik zou best een auto willen, hoor, daar niet van. Ik vind sommige exemplaren heel mooi, bijvoorbeeld de Peugeot 205 of een Suzuki Swift. Van die hoekige koekblikjes met een morsige, mintkleurige bekleding. Dan zou ik zo'n knikkebollend hondje op het dashboard zetten en daarnaast een kentekenplaat met mijn naam erop. Prachtig. Ook vind ik de term 'trekhaak' echt een van de mooiste woorden die de Nederlandse taal rijk is. Als ik een rijbewijs had, en een auto, dan zou ik het veel vaker over trekhaken kunnen hebben (Voorbeeld: “Nou, wat ik vandaag toch aan mijn trekhaak had hangen!”).
Helaas kan ik me op dit moment nog niet echt voorstellen dat ik zo'n voertuig binnen afzienbare tijd succesvol zal kunnen besturen. Dat heb ik niet alleen maar zelf bedacht. Ik kreeg het ook te horen toen ik eens een volgeladen kar met roggebrood frontaal tegen een muur aan wist te rijden, in plaats van door de deuropening. Of die keer dat ik laat in de avond bij mijn vader in de auto zat en met toegeknepen ogen vroeg: “Wat zijn dat nou weer voor gekke lampen, daar in de verte?”
Het antwoord luidde: “Dat is een andere auto die ons tegemoet komt rijden.”
Naast praktische bezwaren als een zwakke motoriek en een stiekeme slechtziendheid, zijn er ook nog de beren op de weg. Eenmaal achter het stuur zou ik ongetwijfeld geteisterd worden door allerlei onwaarschijnlijke rampscenario's. Dood en verderf op de snelweg. Denk aan: “Wat nou als ik achter het stuur zit en opeens heel vaak moet niesen?”, “Wat nou als ik opeens kramp in mijn voet krijg?” en: “Barbie heeft haar rijbewijs gehaald. Wat nou als Barbie nu voor me rijdt, of achter me? We gaan er allemaal aan."
Niet erg bevorderlijk voor het rijgedrag, vermoed ik.
Toch koester ik nog altijd een klein beetje hoop dat ik ooit, op een heel glorieuze dag, het avontuur aandurf en met mijn hevig versierde Peugeot de weg op kan. Die hoop houd ik voornamelijk in leven door dagelijks te kijken naar filmpjes van honden die leren hoe ze moeten autorijden en daar vervolgens ook nog in slagen. Dus voor eenieder die wanhoopt, de faalhazen en de rijbewijslozen: check dit nou.
Kijk, dat geeft de mens moed.

---

Wat nou als ik opeens heel vaak moet niesen?

Ik achter een stuur, 1 oktober 2013


Woensdag 02 Oktober 2013 op 09:45  |   Vijf reacties  |  
  |    |